Eerste indrukken: ‘Denk jij dat je goed mensen kan inschatten? Kijk dan extra uit’

Soms hoeft iemand maar binnen te lopen en je weet instinctief wat voor vlees je in de kuip hebt. Misschien ken je dat wel van sollicitatiegesprekken. Iemand heeft bij binnenkomst de deurklink nog vast en je weet het al: dit wordt niks. Of je gaat in de trein toch maar even naast iemand anders zitten, of kiest een andere taxi, want de chauffeur staat je niet aan.

Een overblijfsel van onze voorouders, die snel moesten beslissen of iemand wel of niet te vertrouwen is. Psycholoog Alexander Todorov ontdekte dat we dit geheel afleiden aan uiterlijke kenmerken, en wel in een fractie van een seconde. Iemand met een sterke kaak vinden we heel competent. Kiezen we een manager of een politicus, dan is onze eerste indruk van diens gezicht misschien nog wel belangrijker dan het cv of partijprogramma.

Een babyface en een vriendelijke lach zorgen ervoor dat we iemand als niet-bedreigend inschatten. Zo zorgen waarschijnlijk mijn kleine kaakje en bolle wangen ervoor dat ik bijna niet over straat kan zonder iemand de weg te wijzen.

Vinden we iemand toch al stom, dan kan hij weinig goeds meer doen

Onderzoek

‘Dat zal wel’, denk je nu, ‘maar ík beoordeel mensen echt wel op hun innerlijk hoor. Ik ga voorbij die eerste indruk’. Ik vind het lief dat je dat denkt, maar onderzoek wijst anders uit. In Amerika kregen studenten aan het begin van het schooljaar een filmpje van 10 seconden te zien van hun nieuwe docent. Ze moesten vervolgens een vragenlijst invullen hoe ze deze persoon inschatten. Na een half jaar college moesten ze de vragenlijst opnieuw invullen en was hun beeld van de docent nauwelijks veranderd.

Zijn we dan zo goed in mensen inschatten? Nou, een beetje. We hebben natuurlijk veel ervaring met mensen en dat nemen we mee. Maar we vinden het lastig om onze eerste indruk aan te passen. Vinden we iemand toch al stom, dan kan hij weinig goeds meer doen. Andersom kunnen onze dierbaren heel wat potjes bij ons breken, voordat we gaan vinden dat ze niet deugen.

Denk jij dat je goed mensen kan inschatten? Kijk dan extra uit, want juist die zelfverzekerdheid zorgt dat je aanwijzingen over het hoofd ziet. Zoek liever bewijs voor het tegengestelde van wat je eigenlijk denkt. De waarheid ligt dan ergens in het midden.

Deze column verscheen eerder in AD

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *